Procesinrichting

De manier waarop wij werk organiseren verschilt van bedrijf tot bedrijf; soms, bij (zeer) grote bedrijven, gaat dat per divisie, per afdeling of zelfs per team. Ondanks de grote verschillen bestaan er slechts een paar onderliggende patronen voor organisaties. In dit stuk worden drie belangrijke vormen op hoofdlijnen toegelicht. Het betreft de ambachtelijke, de functionele en de procesmatige organisatie. Functionele en procesmatige organisaties zijn een gevolg van de industriële revolutie. De ambachtelijke organisatievorm stamt van vóór die tijd. Los van hun inrichtingsvorm werken organisaties ook samen in waardeketens of -netwerken, wat eveneens invloed heeft op de inrichting. Dit soort samenwerking is sinds de jaren '60 in een stroomversnelling gekomen. Kijk hier voor meer over waardeketens.

Is de klant überhaupt geïnteresseerd in hoe een organisatie is ingericht? Is het zinvol dat te weten? Wat heeft de klant daaraan? Heeft de organisatie er een belang bij wanneer de klant dat weet? Wij denken van wel, maar voor we daar op ingaan, eerst een korte schets van de drie inrichtingsvormen.

Bij de ambachtelijke organisatie staat de competentie van medewerkers centraal, hun ambacht. De ambachtelijke organisatie is gericht op het produceren van producten waarbij standaardisatie van componenten vooraf geen rol speelt. De ambachtelijke manier van werken is gericht op het maken van unieke, eenmalige producten, waarbij er tussen eventuele serieproducten grote verschillen kunnen zijn. De focus is de combinatie van ambacht en product. Samenwerking gebeurt door direct overleg en supervisie. De ambachtelijke manier van werken stamt uit de middeleeuwen.

procesinr-helmets

Bij de functionele organisatie staan (vergaande) standaardisatie en specialisatie van taken centraal. Een functionele organisatie is gericht op massaproductie en het zo goedkoop en efficiënt mogelijk vervaardigen van grote hoeveelheden identieke producten. De arbeider wordt gezien (en soms behandeld) als machine of het verlengstuk daarvan. Verantwoordelijkheid is centraal belegd. Algemene functies (financiën, inkoop, logistiek, infrastructuur, etc.) evenzeer. Aansturing is gecentraliseerd en hiërarchisch. De focus is efficiency. Samenwerking wordt afgedwongen door de structuur van de organisatie. De Scientific Method van Taylor, in de praktijk gebracht door Henry Ford, is hét voorbeeld hiervan. Begin vorige eeuw kon je bij Ford elke auto kopen die je wilde, zo lang het een Model T was, en elke kleur, zolang die zwart was!

procesinr-assembly line

Bij een procesmatige organisatie is de aaneenschakeling van activiteiten in werkprocessen, het proces (de “receptuur”), het leidende inrichtingsprincipe. Door de procesmatige inrichting is het mogelijk met op basis van hetzelfde werkproces een groot aantal verschillende, maar gestandaardiseerde producten te maken. Functies als inkoop, verkoop en financiën zijn deels in het (primaire) proces geïntegreerd waarbij een aantal verantwoordelijkheden naar de operationele organisatie worden gedelegeerd. De centrale aspecten van dit soort functies zijn primair coördinerend en controlerend. De focus is verantwoording. Samenwerking vindt plaats op basis van procedures. De bureaucratische organisatie is een duidelijk voorbeeld hiervan. Het maakt niet uit waar een vergunning precies voor nodig is, het proces om een vergunning te verlenen is voor alle soorten vergunningen min of meer identiek.

procesinr-bureaucratic stamps

Moderne grote tot zeer grote organisaties combineren functionele en procesmatige aspecten, soms expliciet onder een noemer als 'matrixorganisatie'. Kleine organisaties zijn veelal ambachtelijk; onderzoeksafdelingen van (zeer) grote organisaties vaak ook.

Om terug te komen op de eerder gestelde vragen, ja de klant heeft er iets aan om te weten hoe een organisatie is ingericht. Sommige organisaties zijn namelijk beter in staat om echt naar hun klant te luisteren dan andere. Dat hangt voor een groot deel samen met de manier waarop de organisatie is ingericht! In de ideale wereld voldoet elk product (en elke dienst) aan de eisen die de klant redelijkerwijs daaraan stelt en treden er nooit problemen op totdat het product vervangen wordt. Fantastisch! Maar wat gebeurt er wanneer een product om wat voor reden niet doet wat het doen moet?

De procesinrichting is bepalend voor de flexibiliteit van de organisatie en limitatief voor de mate waarin de organisatie tegemoet kan komen aan de eisen en wensen van de klant.

[Vorige]  [Volgende]  [Terug]
Laatst aangepast op maandag 10 maart 2014 11:18
waardeketens