De casus voor bedrijfsarchitectuur

Al tientallen jaren verbeteren organisaties hun bedrijfsvoering, hun dienstenaanbod, hun kostenniveau en winstgevendheid en hun klanttevredenheid. De aanpak die organisaties (soms) hanteren kan worden samengevat als ‘werken onder architectuur’1 . Onderstaand twee voorbeelden die de impact daarvan illustreren.

Casus Volkswagen

Ten minste vanaf de jaren ’70 van de vorige eeuw ontwikkelt Volkswagen AG2 (VAG) nieuwe modellen op basis van het ‘bouwdoosprincipe’, ook wel platformarchitectuur genoemd3. De meest recente generatie daarvan is in 2007 geïntroduceerd en heet MQB, de afkorting van de Duitse term ‘Modularer Quer Baukasten’4,5 . Met de recent geïntroduceerde generatie Volkswagen Golf zijn producten op basis van MQB op de markt gekomen. MQB vormt het hart van alle modellen vanaf het A0- en A-segment (Audi A1, VW Polo, Seat Ibiza en Skoda Fabia), via het B- en C-segment (Volkswagen Golf, Touran, Audi A3, TT, Seat Octavia en Skoda Toledo, Altea, Leon), tot aan het D-segment (Volkswagen Passat, CC en Skoda Superb). VAG volgt zo’n aanpak voor alle modellen maar ook voor verbrandingsmotoren, gesplitst in benzine- en dieselmotoren6. Zelfs de luxe merken binnen de groep, Bentley, Bugatti en Lamborghini, delen componenten of het ontwerp daarvan, en ook de Audi Q7, de Porsche Cayenne en de Volkswagen Touareg zijn sterk aan elkaar verwant.

werken-art2-VAG-500px

In aanvulling op de verschillende productarchitecturen, heeft VAG ook de productie gestandaardiseerd, met als basis een procesarchitectuur (eigenlijk productie-architectuur) die ‘Modulare Produktionsbaukasten’ (MPB) wordt genoemd. MPB is volledig afgestemd op en complementair aan MQB. MPB maakt het voor VAG mogelijk om op één productielijn verschillende MQB-modellen tegelijkertijd te fabriceren, zelfs over merken heen. VAG vindt deze ontwikkelingen (blijkbaar) zo belangrijk dat zij via hun corporate communicatie aan hun investeerders berichten over hoe zij architectuur gebruiken om vorm te geven aan hun producten en productie.

Traditioneel verdienen autofabrikanten vooral aan de luxe modellen veel geld; de marge op volumemodellen is veel lager en soms zelfs negatief. De aanpak van VAG zorgt ervoor dat, veel meer dan vroeger, modellen (ook over merken heen) uit gemeenschappelijke componenten worden samengesteld. Dit vergroot de schaalgrootte significant en maakt het ook mogelijk om alle processen binnen de volumemerken van VAG rigoureus te rationaliseren. Voor de productie van auto’s betreft dit vergaande standaardisatie van zowel de ontwerpen als de processen, faciliteiten en methoden in productie. Daarnaast verbetert dit de productkwaliteit enorm.

De raad van bestuur van VAG wil met deze platformarchitecturen de marge per auto voor de volumemodellen drastisch verhogen door 20% te besparen op de ontwikkel- en productiekosten en 30% op de productietijd. Een afgeleid doel is om door (veel) gewicht te besparen de auto’s zuiniger te maken. De bedoelde besparingen zijn direct terug te vinden in de resultaten van VAG. Vergeleken met 2009 heeft Volkswagen in 2010 12% meer verkopen met 23% hogere omzet en 387% hogere winst! In dezelfde periode heeft Audi 12% meer verkopen, 19% meer omzet en 208% meer winst; Skoda 6% meer verkopen, 22% meer omzet en 220% hogere winst en Seat respectievelijk (‘slechts’) 9%, 10% en 8%7.

werken-art2-car parking-515px

VAG is zeker niet uniek met deze aanpak. Alle grote automerken volgen zulke strategieën, maar VAG voert deze misschien wel het verst door en is misschien ook wel het meest succesvol daarmee. Concernbreed gebruik van platformarchitectuur is een typisch voorbeeld van productarchitectuur als basis voor de realisatie van de bedrijfsstrategie. De aanpak van bijvoorbeeld Toyota verschilt wezenlijk. Het ‘Toyota Production System’ (‘TPS’) is namelijk een typisch voorbeeld van een procesarchitectuur. TPS vormt het fundament voor de zogenaamde ‘Lean’ werkwijze8, die door veel uiteenlopende organisaties is geadopteerd.

Casus Sea-Land Service

In de jaren ’30 van de vorige eeuw ontwikkelde Malcom McLean9 de zeecontainer10. Gebruik en invoering daarvan duurde echter tot midden jaren ’50 toen McLean zijn wegtransportbedrijf verkocht en een scheepvaartbedrijf kocht, de Pan-Atlantic Steamship Company. Met dit bedrijf ging McLean zeecontainers vervoeren, in eerste instantie tussen havens aan de Oostkust van de Verenigde Staten, later op de Noord-Atlantische route en vanaf de Vietnamoorlog tussen de VS en Zuidoost-Azië. In 1965 werd de eerste zeecontainer gelost in Rotterdam door een schip van Sea-Land Service, zoals Pan-Atlantic Steamship Company ondertussen heette. Als gevolg daarvan werd in 1966 in Rotterdam Europe Container Terminals (ECT) opgericht. Ondertussen zijn de internationale routes van Sea-Land Service onderdeel van het Deense Maersk en de routes tussen havens in de Verenigde Staten van Horizon Lines11.

werken-art2-sealand-500px

Zeecontainers vormen het hart van de internationale en intercontinentale logistiek, zeker voor stukgoed. Het is meer dan aannemelijk dat grootschalige productie en transport van consumptieartikelen vanuit het Verre Oosten onbetaalbaar zouden zijn wanneer artikelen op de traditionele manier vervoerd zouden worden, zonder zeecontainers. De grootte van containers is gestandaardiseerd12, waardoor ze passen in vrachtschepen, op vrachtwagens en in treinen, vandaar de (Engelse) term ‘Intermodal Containers’. Met zeecontainers kan lading zeer veel sneller worden gelost en geladen. De kosten voor de overslag van goederen daalde met een spectaculaire factor 36.000 (van $ 5.86 per ton naar $ 0.16). Natuurlijk verschuift een deel van de kosten naar andere plekken in de keten, onder meer omdat containers niet in de haven opengemaakt worden, maar op de plek van bestemming. Dit leidde reeds in de jaren ’70 tot de introductie van elektronisch berichtenverkeer op basis van EDI (‘Electronic Data Interchange’) en het inrichten en gebruiken van ICT in de gehele keten. Malcom McLean wordt gezien als de ‘architect’ van het vervoer van lading in zeecontainers.

werken-art2-containership-515px

Zeecontainers, met alle bijbehorende middelen (containerschepen, laad- en loskranen, containerterminals, gegevensuitwisseling, etc.) vormen het hart van een typische ketenarchitectuur. Malcom McLean en Sea-Land Services hebben hiermee de interregionale, internationale en intercontinentale logistiek totaal veranderd door de overslagtijd van uren en dagen terug te brengen tot minuten, met extreme verlaging van de kosten tot gevolg.

Nut en toepassing van architectuur

Ongetwijfeld zag Malcom McLean de revolutie van zeecontainers niet als ‘werken onder architectuur’. Ook de Raad van Bestuur van VAG zal vermoedelijk deze term niet vaak hanteren. Desondanks zijn de beide voorbeelden veel meer dan alleen maar standaardisatie, slim nadenken of opportunisme, namelijk typische voorbeelden van ‘Business Agility’. Wat beide voorbeelden illustreren is dat succesvol vernieuwen niet alleen een langetermijnvisie vraagt, maar ook een multi-disciplinair perspectief op de organisatie, de omgeving en de middelen. ‘Architectuur’ is daarbij uitdrukkelijk een middel en geen doel op zich. Malcom McLean wilde geen containers verkopen, maar voor klanten significant goedkoper (efficiënter) en sneller (effectiever) goederen verschepen. De Raad van Bestuur van VAG wil niet de meest modulaire autofamilie maken, maar de financiële positie van VAG significant verbeteren door meer winst te maken. Met hun platformarchitecturen willen ze snel in kunnen spelen op veranderingen in de markt en zo het marktaandeel van hun merken vergroten en meer klanten trekken door hen superieure waarde te bieden. Bedrijfsarchitectuur is slechts een middel, een afgeleide van de bedrijfsstrategie.

De voorbeelden geven aan dat bedrijfsarchitectuur idealiter dient als mechanisme om visie en strategie van de organisatie te vertalen naar uitvoerbare activiteiten. Bedrijfsarchitectuur maakt daarmee deel uit van het instrumentarium op het tactische niveau van de bedrijfsvoering. Een belangrijke randvoorwaarde om die rol te kunnen vervullen is dat bedrijfsarchitectuur gedragen wordt door het midden- en topmanagement van de hele organisatie, specifiek bij de onderdelen die zich bezighouden met het ontwikkelen en vernieuwen van producten en diensten.

In veel administratie-georiënteerde organisaties (bureaucratieën) wordt (werken onder) architectuur soms afgedaan als een ‘ICT-ding’ en niet relevant voor de rest van de organisatie. Die houding is wel begrijpelijk, maar gelukkig maken de voorbeelden duidelijk dat wat we nu onder bedrijfsarchitectuur verstaan al heel lang bestaat en op andere terreinen dan ICT bewezen heeft grote waarde toe te voegen.

Noten:

  1. Overkoepelend wordt in deze artikelenreeks de term ‘bedrijfsarchitectuur’ gehanteerd.
  2. Volkswagen AG is de industriële groep die personenauto’s produceert van de merken Volkswagen, Audi, Skoda, Seat, Porsche, Bentley, Lamborghini en Bugatti. Daarnaast produceert de groep ook lichte commerciële voertuigen en vrachtwagens (Scania). In deze tekst wordt met Volkswagen AG of VAG de industriële groep bedoeld; met Volkswagen het merk.
  3. Dit is volstrekt niet nieuw; platformarchitectuur wordt al toegepast vanaf het moment dat massaproductie van auto’s plaatsvond.
  4. Slecht vertaald als ‘modulaire dwarsgeplaatste bouwdoos’. De term ‘dwarsgeplaatste’ (‘Quer’) heeft betrekking op de draairichting van de krukas van de motor, namelijk dwars op de rijrichting.
  5. Er bestaat ook een MLB, Modularer Längsbaukasten (‘modulaire lengterichting bouwdoos’), voor auto’s waarbij de krukas van de motor in de rijrichting staat. Deze zal gebruikt worden voor de grotere modellen als de Audi A4, A5, Q5, A6, A7 en A8, inclusief de Volkswage Phaeton! Interessant genoeg niet voor de Volkswagen Passat.
  6. Voor benzinemotoren MOB (‘Modulare Ottomotor Baukasten’: ‘modulaire benzinemotorbouwdoos’) en voor dieselmotoren MDB (‘Modulare Diesel Baukasten’: ‘modulaire dieselbouwdoos’).
  7. Bron: http://www.volkswagenag.com/content/vwcorp/info_center/de/publications/2011/04/Volkswagen_Group_-_Factbook_2011.bin.html/binarystorageitem/file/Factbook+2011.pdf, opgehaald op 2 oktober 2014.
  8. Zie https://nl.wikipedia.org/wiki/Lean_manufacturing, opgehaald op 2 oktober.
  9. Zie https://nl.wikipedia.org/wiki/Malcom_McLean, opgehaald op 2 oktober 2014.
  10. In het Engels is de benaming ‘intermodal’, met andere woorden geschikt voor verschillende transportmodaliteiten.
  11. Zie https://en.wikipedia.org/wiki/Sea-Land_Service, opgehaald op 2 oktober 2014.
  12. 20x8x8.5’, ongeveer 6x2.45x2.6 m voor een zeecontainer van één TEU (‘Twenty feet Equivalent Unit’), met ongeveer 33 m3 capaciteit. De meest gebruikte zeecontainer is de 40’ container, 2 TEU aan capaciteit. Zie ook https://nl.wikipedia.org/wiki/TEU, opgehaald op 2 oktober 2014.

Heeft u naar aanleiding van dit artikel vragen of opmerkingen? Neem dan contact op met Digital Knowledge via onze contactpagina.

[Vorige]  [Volgende]  [Terug]
Laatst aangepast op zondag 12 april 2015 12:43
interactie-klant-177px